koop F1 tickets facebook twitter instagram mail
Column: Le Mans

Vingt quatre heures du Mans, ofwel: de 24 uren van de mannen… Mannen met een hoofdletter �M� wel te verstaan. Want dat het mannen zijn, dat bewezen ze wel weer door met een snelheid van 320 kilometer per uur op een chicane af te razen, terug te tikken naar een gangetje van 140, weer door te tikken naar 300 plus, wederom voor een chicane flink in de ankers te gaan, om daarna weer zo dicht mogelijk bij de 300 km/u te komen en ten derde malen stevig terug te gaan om een krappe net geen hairpin door te rossen en weer zo rap mogelijk zo hard mogelijk te gaan. En dan hebben we het alleen nog maar over het rechte stuk tot vlak voor het bochtencomplex wat voor start/finish begint en doorgaat tot een eindje erna.

Met de Le Mans race wordt jaarlijks bevestigd dat de heren coureurs echt wel serieus �ballen� hebben, het is echt gekkenwerk om op 14 strekkende kilometers asfalt in een bloedverziekende temperatuur een etmaal lang een kudde van een paar honderd wilde paarden in bedwang te houden.
De tekst van Henk Wijngaard �met de vlam in de pijp� krijgt een ander aanzien als je de nachtelijke uren van Le Mans wel eens gezien hebt. De vlammen slaan met recht uit de pijp, dat doen ze overdag meestal niet of nauwelijks zichtbaar, maar �s nachts is het prachtig zichtbaar. Roodgloeiende remschijven, vlammen uit de pijp bij iedere schakelbeweging, licht opgloeiende koplamppeertjes die de duisternis van de nacht doorklieven, dat is het echte Le Mans gevoel.
Een enkele rijder ziet in de loop van de nacht, als de zon aan de horizon begint te gloren, de contouren van de baan wat minder scherp en rost de beide stuurinrichtingen van een Racing for Holland Dome Judd V10 aan gort. Tja, het is onze Maleisische vriend Alex Yoong niet echt kwalijk te nemen. Rond een uur of vijf in de morgen worden ook de ogen van een Lammers een keer spleetjes, laat staan bij Yoong…

Zo niet bij de Audi�s! Die jongens hebben voor eens en altijd bewezen dat de vooroordelen over de dieseltractor niet meer op gaan. Zelfs uw columnist durft nu openlijk en met trots te verklaren een Diesel te rijden! Voorheen wachtte ik met tanken tot na zonsondergang, als er alleen nog maar stoere truckers aan de pomp staan, dan durfde ik mijn Opel Astra Caravan Diesel wel aan te schuiven, de afmetingen van mijn bolide zijn bijna net zo imposant als die van de enorme Dieselslurpende opleggers en in dat gezelschap durfde ik mij wel vertonen. Sinds de Audi�s R10 TDi afgelopen weekend samen op het podium van Le Mans kwamen, durf ik nu ook rustig v��r zonsondergang mijn bolide vol te gooien en met trots de rekening te voldoen, me niet langer verontschuldigend en met het schaamrood op de kaken dat ik een dergelijk burgerlijke bolide durf te rijden…
Sinds de overwinning van de dieseltractoren heb ik nu ook het lef me uit te spreken, Diesel is eindelijk een brandstof geworden waarop je als autosportliefhebber trots kunt zijn! Diesel is eindelijk een �chte brandstof voor de racerij geworden en is niet langer voorbehouden aan zware trucks, tanks en landbouwmachines. Voor eens en altijd is het nu afgelopen met de naam van Diesel als traktor. Ooit een traktor met 320 km/u het gras zien maaien, of de ma�s zien oogsten?

Dat dacht ik ook! Wel eens een Diesel met 320 per uur over 14 strekkende kilometers asfalt in bloedverziekend hete omstandigheden de winst zien behalen? Ja? Dan heeft u dus ook gekeken naar de Vingt quatre heures du Mans, ofwel: de 24 uren van de mannen… Mannen met een hoofdletter �M� wel te verstaan.

Veritas, 20.06.06

F1 nieuws

GP Pits Magazine
.